Toen de wereld nog van papier was. Alles van waarde werd bewaard op papier, weet je nog? En wij bedachten het woord ‘paperassen’ als synoniem voor stapels mappen en documenten, genoeg om het overzicht te verliezen.
Papier is uit de tijd, da’s waar, maar sommigen bewaren het. Ze bewaren de tijd. Die verzamelaars kennen de opluchting die je te beurt valt wanneer je, zoals ik vandaag, rommelt in dozen, kaften en wat al meer, in paperassen dus, en uiteindelijk toch vindt wat je zoekt.

En al helemaal als het gezochte, dat hoogst bijzondere, panoramische zicht op onze binnenstad, de tijd kreukloos en vlekkeloos is doorgekomen.
Waarom ik het zocht? Wel, er loopt een tentoonstelling in de Speelmanskapel. In dat laatmiddeleeuws pand in de Beenhouwersstraat pakt Koen Goeminne uit met een expositie over de kaart van Marcus Gerards. U weet wel, dat ene stadsplan waar Brugge nu al meer dan vier eeuwen met trots naar verwijst.

Een paar jaar geleden schreef Koen samen met een stel kenners een gedegen boek over dat secure meesterwerk dat Marcus Gerards in 1562 realiseerde. Meer zelfs, sinds kort ligt daarover nog een tweede worp van Koen in de boekenwinkel.
Valt dan zoveel te vertellen over het chef d’oeuvre van Marcus Gerards?
Wie de kaart onder ogen neemt, is voor een eind zoet met een overweldigende veelheid aan details.
Veel herkenbaars en ook een handvol verdwenen monumenten. Hoeven wij Sint-Donaas, de kathedraal op de Burg, te vermelden? En een zo mogelijk nóg groter verlies voor onze stad, de waterhalle op de Markt?

Enfin, die tentoonstelling is dus de aanleiding voor mijn speurtocht.
Naar de kaart van Marcus Gerards? Neen, die heb ik hier bij de hand. De recente, vakkundig vernieuwde versie nog wel, waar diezelfde Koen Goeminne ons een tijd geleden mee verbaasde.
Maar ik zocht haar broertje.
Een veel jonger broertje, al dateert het inmiddels ook al van bijna een halve eeuw geleden.
We schrijven december 1979.
Bij de krant Het Nieuwsblad komt iemand op het behoorlijk ambitieuze idee om zowaar een ‘Marcus Gerards 2.0’ te laten tekenen. Daarvoor kloppen ze aan bij Georges Ebinger en afgaande op wat hij ervan bakt kan je zonder meer stellen, die knaap uit Mortsel kent zijn stiel.

De Marcus Gerards van ’t Nieuwsblad tekent een panoramisch stadsplan zoals dat van zijn leermeester in 1562. Met, zoals op de koperplaten van de grootmeester, onwaarschijnlijk veel traceerbare details.
Ook een handvol verdwenen … monumenten? Tja, wat zullen we omschrijven als monument? Hoe dan ook, zo’n stadsplan, wat een unieke momentopname! Hoe ziet Brugge anno 1979 eruit? Een grabbel uit de veelheid.

Onze binnenstad heeft bij de Botanieken Hof nog zijn gevangenis (1) en aan de Langerei, bij de Dampoort, zijn oude gistfabriek (2). En aan de Kruispoort, vandaag vind je daar het gerechtsgebouw, zie je nog de legerkazerne waarnaar de Kazernevest is genoemd (3).
Er is nog geen spoor te bekennen van het concertgebouw op ’t Zand (4), dat knus oogt met die bomenrijen rondom. De fontein is voor later en dat het tussen al die bomen krioelt van de geparkeerde auto’s, daarover zwijgt de stadskaart. Da’s wijselijk maar wat meer is, alle verkeer dat later door de tunnel onder het plein geleid zal worden, passeert parmantig bovengronds. Iets lager op de kaart vind je natuurlijk nog de oude beurshal.

O ja, wie school loopt in ’t VTI kan dat in de Boeveriestraat (5) en – hoe actueel zo’n kaart kan wezen! – er staat een hoogwerkerskraan op de werf waar later de Biekorf-bibliotheek zal verrijzen (6).
Het stadsplan van Georges Ebinger is gul met verrassingen. Je ziet de Aigle-Belgica brouwerij nabij de Carmersstraat, het KTA in de Jacobinessenstraat en bij het Sint-Janshospitaal is de ambulanceroute over Zonnekemeers richting de Minnewaterkliniek nog intact.
Enfin, het plan uit de jaren zeventig is een tijdscapsule propvol herinneringen, je krijgt goesting in een zoekspelletje. Al heb je daartoe wel een exemplaar van de kaart van doen. Geen nood, soms daagt ze nog op tussen tweedehands spullen, hier of daar op een website. Het soort sites met dingen uit de tijd van toen. Van toen de wereld nog van papier was.
Koen Goeminne’s tentoonstelling over de kaart van Marcus Gerards (de echte uit 1562!) loopt tot eind maart in de Speelmanskapel, op zaterdag van 14 uur tot 18 uur en op zondag van 11 uur tot 16 uur.
Nog een voetnoot bij mijn blog over ‘Marcus Gerards 2.0’ …
De persvoorstelling ging door op 14 december 1979 in de Alberthall.
De kaart werd aangeboden in twee versies. Van een editie op handgeschept papier, genummerd en gesigneerd door de tekenaar, werden negenhonderdvijftig exemplaren aangemaakt. Die was te koop voor 950 frank.
Voor de ‘gewone’ kaart op tekenpapier betaalde je 350 frank.
De personen die geld, tijd en energie gestoken hebben in het moderniseren van de kaart van Marcus Gerards hebben uiteraard recht op een billijke vergoeding, onder meer onder de vorm van het auteursrecht.
Aan de andere kant is de kaart eigenlijk van iedereen, zoals het stadhuis of de halletoren. Is het niet de taak van de stad om met hen te onderhandelen om de digitale versie ‘publiek domein’ te maken?
Op Wikipedia vind ik alleen een foto van een traditionele ingekaderde versie, nauwelijks te vergroten. Onderaan staat wel een link naar de musea, waar een tot in detail vergrootbare afbeelding van een oude versie – gekleurd, zonder straatnamen – van de kaart te zien is.
En Georges Ebinger?
Totaal vergeten, geen Wikipedia-artikel of andere verwijzing naar zijn werk, maar gelukkig een overlijdensbericht (https://www.inmemoriam.be/nl/2021-11-09/georges-ebinger).
Misschien zijn er nog vele dergelijke werken van hem die een tweede, digitaal, leven verdienen.
Lezen er hier wikipedianen en erfgoedzorgers mee?
Een lezer heeft aan ChatGPT informatie gevraagd over Georges Ebinger en dat heeft een lange lijst aan activiteiten opgeleverd (maar niets over tekenen van stadsplannen). In feite zijn het algemeenheden waarbij door ChatGPT, volgens ervaringen die ik op dat vlak al heb, voortgeborduurd of voortgefantaseerd werd op informatie die door de vraagsteller al werd gegeven. Het maakt wel duidelijk dat verder onderzoek nuttig is, maar dat moet gebeuren door iemand uit de regio Antwerpen en in samenwerking met de familie en/of de huidige eigenaar van Gazet van Antwerpen. Vandaar mijn hoop dat er iemand meeleest die kennis en tijd heeft om de juiste onderzoeker te vinden. Met de lovende tekst over het stadsplan van Ebinger is alvast een aanzet gegeven.
In afwachting: wie neemt het initiatief om het plan van Ebinger te digitaliseren op ergens op een website ter beschikking te stellen van de Bruggelingen? Strikt genomen mag dat niet, maar als alles juridisch perfect in orde zou moeten zijn, zou er nu op erfgoedbrugge.be maar weinig te vinden zijn.
Bij mijn blogverhaal toch nog enige aanvulling omtrent Georges Ebinger … en vader Gaston:
Georges ‘Geo’ Ebinger (1930 – 1921) tekende, naast het Brugse stadsplan voor het Nieuwsblad, ook – in opdracht van de krant De Gentenaar – een kaart van Gent èn van de provincie Oost-Vlaanderen. Van sommige van die kaarten – waaronder de Brugse – werd een gelimiteerde en gesigeneerde editie aangemaakt.
Hij en zijn wederhelft Lieve Warmenbol hadden vier kinderen.
Zijn vader, Gaston Ebinger (1901-1973), met wie Georges wel eens verward wordt – maakte meer naam dan zoonlief.
Zo was vader Gaston actief als illustrator en reclamekunstenaar voor bedrijven. Verder ontwierp hij wenskaarten en postkaarten, vaak met humoristische scènes uit het Antwerpse stadsleven. Voorts was Ebinger senior cartoonist bij Gazet van Antwerpen en gelegenheids-striptekenaar. Zo viel hij in 1958 tijdelijk in voor striptekenaar Pom, geestelijke vader van striphelden Piet Pienter en Bert Bibber.