Dakterras …

Het afficheontwerp van Camille Tulpinck, met vermelding van de oorspronkelijk voorziene locaties, had iets minder chaotisch gemogen …

Je kan er niet naast kijken, als je vanuit de Steenstraat op de Markt arriveert. We bedoelen, naast het buitenmaatse zeildoek dat ze hebben opgehangen tegen de ferme steigerconstructie aan de overkant van het plein. Op het zeil prijkt de gevel die erachter zit op een enorme prent. Iedere Bruggeling weet natuurlijk, ’t is het Provinciaal Hof. Je kan veronderstellen dat de simulatie vooral bedoeld is voor de onwetende toerist. Nou ja, toerist, zeg maar hij of zij die er momenteel niet is. Maar wie niet is kan komen, hé.
Het bouwwerk krijgt een restauratie, da’s alleszins duidelijk. Dus het kan een hele poos niet fungeren als Provinciaal Hof. Niet dat het provinciebestuur er nog vaak over de vloer kwam. De verhuis van de provincieraad naar ’t Boeverbos in Sint-Andries moet inmiddels alweer van meer dan twintig jaar geleden dateren. Maar er waren niet alleen de gouverneur en zijn volgelingen die er ooit hun vaste stek hadden. Ook op het vlak van culturele evenementen heeft het complex enige ervaring. Zo werd er in 1902 de allereerste grote tentoonstelling in deze stad georganiseerd. Meer zelfs, het was naar verluidt de eerste maal dat in ons land een expositie van die omvang doorging. De voorbereiding van het project liep niet van een leien dakje. Dat weten wij van Eva Tahon die in 2002 het verhaal van de tentoonstelling uit spitte naar aanleiding van de honderdste verjaardag ervan. Haar project “Impact – 1902 revisited” leerde ons dat voor deze expositie twee opeenvolgende affiches werden ontworpen. Eerst was er een ontwerp van Camille Tulpinck. Voor zover wij weten zijn enige afficheontwerp.
Dat werd kort voor de opening afgevoerd omdat als locaties voor de tentoonstelling het Gruuthusepaleis en de Poortersloge werden vermeld. Uiteindelijk bleken die ontoereikend om de ruim vierhonderd ontleende kunstwerken te herbergen en moest men uitkijken naar een grotere ruimte: het neogotische Provinciaal Hof, dat in die dagen nog niet eens was afgewerkt.

Amedée Lynen’s ontwerp maakte geen melding van het Provinciaal Hof, waar de expositie uiteindelijk onderdak vond.

Kon men op de affiche de vermelde tentoonstellingsplaatsen niet gewoon vervangen door de definitieve locatie? Of was er nog een andere reden om het ontwerp opzij te schuiven? Raadsel. Naar men fluistert, boterde het bij de voorbereiding niet zo best tussen Tulpinck en de overige organisatoren …
Een nieuwe affiche, dus. Eentje bedacht door Amedée Lynen, een Brusselaar, voorwaar. Een schilder-tekenaar met enige ervaring in de branche. Geen grote naam, daar niet van. In Sint-Joost ten Node heeft ie een straatnaam gekregen.
Boven de tekst – volgens Eva Tahon was er enkel een Franstalige versie – zien wij een schilder achter zijn ezel. De kunstenaar lijkt vanuit de hoogte op de stad neer te kijken. Van op een dakterras of zo. Dat van ons concertgebouw op ’t Zand? Zal wel niet, voor zover wij weten moest dat in 1902 nog gebouwd worden. En ze waren nog even doende met de afwerking van het Provinciaal Hof.

Een aanrader: ‘Brugge in 100 objecten‘ is een recent bij Ludion verschenen boek waarin, naast 99 andere cruciale Brugge-objecten, ook een aantal boeiende documenten omtrent de tentoonstelling een plaats krijgen.

This entry was posted in Van schilderen en plaasteren. Bookmark the permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *