Het Vlaanderen van Tom Waes en … LikeMe

Waar of wanneer dat lied mij voor het eerst kippenvel bezorgde, laat zich niet meer achterhalen. Wel herinner ik mij mijn verrassing omtrent de woorden en hoe die op hun plaats vielen. Over Will Tura kan je veel beweren, maar niet dat hij altijd de meest creatieve tekstschrijvers in huis haalde. Vandaar dat hij mij destijds verraste met zijn ‘Vlaanderen, mijn land’.
Marcel Leemans, woordzoeker van dienst, bedacht de niet onaardige openingszin
Uit de tijd geworpen,
vergeten paradijs
van duizend kleine dorpen
onder wolken, grauw en grijs’.
En al laat hij in zijn wel heel vleiende ode aan Vlaanderen hier en daar een schoolse zin binnensluipen, toch houdt hij je bij de les en als luisteraar vind je dat allerminst erg.

… benieuwd naar wat hij nog aanvangt met ‘onze’ geschiedenis.

Maar ’t is een lied van lang geleden en de wereld verzon sindsdien veel deuntjes die mij opvrolijkten of ontroerden. En zo was ik ‘Vlaanderen, mijn land’, het lied, eigenlijk wat vergeten. Maar, verrassing, een zomer of twee geleden hoorde je het zowaar af en toe weer op de radio. En zo zingt het soms opnieuw door mijn hoofd.

Vooral sinds op tv een zekere Tom Waes met zijn reeks ‘Het Verhaal van Vlaanderen’ een heleboel aandacht opeist. Zoals een degelijk bedachte liedjestekst dat doet, zo slaagt de vertelling van Tom Waes erin om onze, of althans mijn aandacht vast te houden. Wanneer u dit leest, zag u misschien net als ik al een paar afleveringen van het prestigieuze project van grootverdiener Tom en zijn team.
En ik ben best wel benieuwd naar wat hij nog aanvangt met ‘onze’ geschiedenis. Al kennen we er de grote lijnen van, we kregen ze op school ingelepeld. Het begrip ‘eindtermen’ was nog onbestaande, maar toch waren naast onze vaderlandse geschiedenis ook een handvol stichtelijke liederen verplichte schoolkost.
Van boven het krijtbord beluisterden de portretten van Boudewijn en Fabiola ons jongensgejoel dat moest doorgaan voor het Belgisch Volkslied. Was onze schoolmeester de Vlaamse gedachte genegen? Vermoedelijk wel, want naast de Brabançonne leerde hij ons ook zingen van ‘Ze zullen hem niet temmen’. Of Bo en Fab daar net zo content mee waren valt enigszins te betwijfelen. Maar wat zo’n Belgisch of Vlaams vaderlandslied in al hun zwaarwichtigheid betekenden, het kon de kleine prutsen die we waren weinig schelen. Wie zou ons ongelijk geven?

Van wat het Belgisch Volkslied ons leert kreeg ik het, eerlijk waar, nooit warm. Wat er heilig is aan ons ‘oh, heilig land der vaderen’ heb ik nooit echt gesnapt. En nog minder dat naast die ‘vaderen’ al onze ‘moederen’ gewoon onvermeld blijven.
En wat met die ‘fiere Vlaamse Leeuw’ van ons? We hadden een paar Vlaamsgezinde vrienden die ons meetroonden naar Diksmuide. We trokken er heen op onze eerste ‘grote fiets’ – kregen we die bij onze plechtige communie? In die tijd stroomde de weide bij de IJzertoren nog elk jaar nog één zomerzondag vol met een massa volk, dat imponeerde geweldig. Maar ’t was wel daar dat ik mij realiseerde dat de woorden van de Vlaamse Leeuw, het lied van klauwen en tanden in al hun weerbarstigheid, niet mijn woorden waren.

… dat die leeuw die we Vlaams noemen, zoals wel meer heraldische beesten, van oosterse komaf zou zijn.

Later waren er de avonturen en avonduren van ons jongensleven. Waarin wij ons bekwaamden, zoals het jonge knapen en deernen betaamt, in toogfilosofie. Daagden mekaar uit over Vlaming zijn, Bruggeling, Belg, Europeeër. En hoe later op de avond, met hoe meer overtuiging we wereldburgers werden. Met voor elk wereldprobleem een oplossing, de onze.
En we lachten, weet u nog, met Leterme die, toen iemand hem onverwacht en français naar de Brabançonne vroeg, ocharme de tekst van de Marseillaise stamelde. Anderzijds, iemand van ons meende dat die leeuw die we Vlaams noemen, zoals wel meer heraldische beesten, van oosterse komaf zou zijn. Of dat klopt? Een mens mag het leven dankbaar zijn omdat het ons leert relativeren.

Doch ziet, sinds kort doet men toch weer een beroep op ons aloude Vlaams bewustzijn. Om na te denken over een ‘Vlaamse canon‘. Dat gaat, als ik het goed begrijp, over een opsomming van alles wat een Vlaming over Vlaanderen hoort te weten. Serieuze mannen en vrouwen buigen zich over dat vraagstuk. En ander serieus volk heeft daar dan weer kritische bedenkingen bij. Want wie spint daar garen van? En wat komt er allemaal op zo’n lijst?

Zullen we even? Wij gaan voor de frietkoten aan de Brugse halletoren, vooreerst. Breydel en de Coninck staat er hoe dan ook op, zeker? Of we Tom Waes, onze Rode Ridder van ’t moment, op de lijst willen valt te betwijfelen. Maar nu we het toch over tv hebben, wat met een klassieker als ‘FC De Kampioenen‘? Da’s oppassen. Stel je voor dat in een verre toekomst iemand die canon onder ogen krijgt en gaat geloven dat de doorsnee Vlaming door ’t leven ging zoals Xavier of Pascalleke dat doen. Hoewel … misschien is daar wat van aan.
De Vlaamse Leeuw, het beest en het lied, eisen in de geloofsbelijdenis van hun volk ongetwijfeld hun plek op. Compleet met klauwen, tanden en andere werkingsmiddelen. Maar, hier komt ie, deze jongen heeft een voorstel. En hij meent het nog ook. Ik had het net over een lied dat ik ooit hoorde op een langspeelplaat van Will Tura. Wel, als de brullende leeuw op de lijst mag, dan ook ‘Vlaanderen, mijn land’!
Want al is het land dat daarin bezongen wordt veel schoner dan het echte ooit was of zal zijn, het vertelt over een Vlaanderen waar ik wil leven. En, naar ik hoop, u ook.

En er is meer. Ik vertelde dat het lied een paar jaar geleden weer opdook op de radio. Maar het was ineens niet meer Will Tura die het zong, neen. Een bende jonge gasten van vandaag bracht het. Ze noemen zich LikeMe en wie hier bij ons jong is kent ze. Van op tv, wat dacht u. Ik zal u niet tegenspreken als u ze omschrijft als een marketingproduct, zoals er vandaag in medialand wel meer te vinden zijn. De fleur van de jeugd en kleurrijk in menig opzicht, ze zouden niet misstaan in een promo voor tandpasta. Maar de leute

waarmee ze dat oude liedje zingen, uitgelaten als wonnen ze net de lotto, daar durf ik onbeschaamd voor smelten. Trouwens, van hun vrolijk wervelende danspasjes kon ik zelfs in mijn meest vitale jeugdjaren alleen maar dromen.
LikeMe, die zotte dozen, zingen een lied waar ik blij van word, over een Vlaanderen waar ik blij van word. Of ik me Vlaming voel? Toch op zijn minst voor de duur van zo’n lied.

Vlaanderen, mijn land‘, hier staat het: https://www.youtube.com/watch?v=WSjNMliFrWQ

This entry was posted in Het Brugge van nu, Van feesten en vieren, Van gitaren en drums, Van zingen en spelen. Bookmark the permalink.

14 Responses to Het Vlaanderen van Tom Waes en … LikeMe

  1. verloigne jean-marie says:

    Ik blijf onder de indruk van jouw teksten!
    Will Tura’s tekst ‘Vlaanderen mijn land’ blijft me meer boeien dan de leeuw die niet getemd wilt worden. Mijn Europese gedachte zal daar wel ten grondslag aan liggen. Alhoewel, daarentegen, ‘Vlaanderen, mijn land’ me zeer nauw aan het hart blijft liggen.

    • Dries says:

      Jean-Marie, Vlaanderen en Europa sluiten mekaar niet uit, althans volgens het essay van August Vermeylen uit 1900: “Vlaming zijn om Europeer te worden”.
      De vraag rijst wél of de teksten van Vermeylen – die dateren uit 1900 – toepasbaar zijn op het Europa dat we thans kennen. Wat stelde Europa een eeuw geleden voor?

  2. Johny RECOUR says:

    Alhoewel ik absoluut geen flamingant ben en na allerlei lectuur ook nog steeds de gedrevenheid naar een onafhankelijk staatje niet begrijp voel ik mij Vlaming en zal dat iedere keer opnieuw verklaren, zeker in het buitenland.
    Dat onze Graven van Vlaanderen lange tijd de preceptoren van de toekomstige koningen van Frankrijk waren leren ze ginder niet, evenmin dat veel Engelse koningen op de vlucht onderdak vonden in Brugge. Alleen al daarvoor mogen wij met een zekere fierheid ons verleden uitdragen.

    • Pol Martens says:

      Je redenering kan ik tot op zekere hoogte volgen, Johny. Al herinner ik mij van lang geleden die sticker die je hier en daar aantrof met daarop ‘Ik ben Vlaming en daar ben ik fier op’.
      Ik neem mij persoonlijk steevast voor om enkel fier te zijn op iets waar ik zelf verdienste aan heb.
      Dat ik Vlaming ben, Bruggeling, Belg of wat dan ook, daar heb ik tot nader order geenszins verdienste aan … Of kan je dat vanuit een andere invalshoek bekijken?

      • dries simoens says:

        Als je ’t mij vraagt, een netelige vraag Pol. Mogen wij, Vlamingen, er fier op zijn dat we destijds bijvoorbeeld kathedraalbouwers waren? Als ik jouw stelling volg, hebben we daar geen verdienste aan en is er geen reden tot fierheid, integendeel: steeds meer religieus erfgoed moeten we herbestemmen. “Dwergen die op reuzen staan”, zo heeft Koen Lemmens ooit mensen omschreven die hun grootheid ontlenen aan realisaties van vele generaties geleden. Andere invalshoek: we mogen wel fier zijn op de kathedraalbouwers uit de middeleeuwen: net als Vlamingen van vandaag hadden ze religieuze denkbeelden, waren ze inventief – hoe torens bouwen met beperkte technische hulpmiddelen – en wisten ze ons vlakke land te verheffen door verticaal te denken…

        • Pol Martens says:

          En zo blijven we nog wel even bezig, Dries. Het oprichten van imposante gebouwen was een huzarenstuk dat over de hele wereld tot een goed einde werd gebracht. Langs de Griekse en Romeinse tijd tot bij de kathedralen van West-Europa. En ook buiten ons continent kende men daar iets van, van Egypte, langs het verre China tot in Zuid-Amerika. Of de bouwers die zich daarbij uit de naad werkten daar altijd zelf voor kozen, kan je die vraag ook niet stellen omtrent ‘onze’ kathedralen? Met de middelen die werden uitgetrokken voor zo’n projecten kon een halve stad aan woongelegenheid worden ingericht voor de bouwers die in veel gevallen schamel behuisd waren.

          • dries simoens says:

            Inderdaad, een oeverloze discussie. Wat bijvoorbeeld met de Qatarese voetbalstadions, gebouwd onder meer door Nepalese rechteloze arbeiders – in ruil voor de 3 miljard dollar die Qatar in 2017 aan die Himalayastaat ‘schonk’, toen die dat jaar door een zware aardbeving was getroffen. Blijkbaar een fenomeen van alle tijden, van alle culturen …

  3. Johny RECOUR says:

    Pol, je bent ergens toevallig geboren en daar kan je fier op zijn, maar daarom ermee gaan dwepen is weer iets anders. Dus voetjes op de grond, zeker.
    Tijdens mijn loopbaan heb ik veel buitenlanders mogen wegwijs maken in Brugge, het Ieperse, WO1, de Westkust WO2, maar vertelde hen steeds dat wij er waren en nog zijn.
    Regelmatig werd mij gevraagd waarom wij meertalig zijn en iedere keer antwoordde ik “Dank zij de bezettingen”. Van de Romeinen tot nu toe.
    Zelfs de Engelsen en Amerikanen kunnen ermee lachen wanneer ik hen zeg waarom we allemaal Engels/Amerikaans/Australisch spreken.

  4. dries simoens says:

    Wat mij opvalt in ‘Vlaanderen mijn land’ is dat er niet over het Vlaamse volk wordt gesproken, en evenmin over onze geschiedenis of over de kathedralen en burchten die we bouwden. Neen, de klemtoon ligt op de natuur … op de regen, de wolken en de wind.
    Natuurelementen dus die van alle tijden zijn, en die door de bewoners van onze contreien steeds weer positief worden omgebogen:
    “En nergens valt de regen zo mals en ruisend neer.
    En nergens gaat de wind zo liefdevol, zo zacht tekeer
    Hij krijgt de vrije ruimte, want als een open hand,
    zacht golvend als water, is Vlaanderen, m’n land.”
    Zitten liefde en zachtheid, vrijheid en ruimte dus niet in ons genen, en kunnen deze eigenschappen besloten worden in het ‘carcan’ van een officiële canon?

  5. Luc Gilliaert says:

    Voor de Vlaamse canon misschien ook eens denken aan … Jacques Brel, een Belg met internationale uitstraling, die zijn liefde voor Vlaanderen bezong in ‘Mijn vlakke land, Le plat pays’.
    Daarnaast, minder bekend, de muziekstijl die Europa overheerste van de 14de tot de 16de eeuw en die we nu aanduiden met De Vlaamse Polyfonie, ook wel de ‘Franco-Vlaamse School’ genoemd.
    Componisten als Guillaume Dufay, Johannes Ockeghem en Josquin Des Prez zijn zowat de bekendste. Sommige van die componisten hebben in Brugge gewerkt of hun opleiding gekregen aan de verdwenen Sint-Donaaskathedraal, zoals Jakob Obrecht en Gilles Binchois. Anderen zwermden uit over gans Europa en kregen hoge gages uitbetaald.
    Want de kwaliteit van hun muziek was onovertroffen en werd door vele andere componisten overgenomen. Missen, motetten, Italiaanse madrigalen, Duitse en Franse liederen en instrumentale muziek : het vloeide allemaal moeiteloos uit hun ganzenveer.
    ’t Is wel al van lang geleden, maar ook op deze verwezenlijkingen mogen we terecht fier zijn.

  6. dries says:

    Uiterst deskundige aanvulling door Luc. Alleen wat Jacques Brel betreft – door de Franstaligen verkozen tot persoon van de eeuw – deze nuancering van mijnentwege.
    ‘Le plat pays’ toont maar één aspect van Brel – overigens geboren in een familie die steeds in West Vlaanderen heeft gewoond.
    Weer komen de natuurelementen aan bod: de wind die zingt en de bomen buigt, de lage hemel die tot nederigheid stemt, de zoete regen die tot inslapen noopt, de akkers die trillen onder de juli-hitte… En weer staan onze kathedralen centraal, in ons landschap de enige bergen.
    Maar dan plots, in 1977, het vlijmscherpe lied ‘Les F…’ met de bekende zin “Nazis pendants les guerres et catholiques entre elles”. Met dan toch enig medeleven met Brugge, “Voyez la mer du Nord, elle s’est enfuie de Bruges”.
    Protest van de Vlaamse cultuurminister, en Le Monde dat titelt dat de Vlaamse beweging Jacques Brel excommuniceert.

  7. Luc Gilliaert says:

    Dank aan Dries voor deze aanvulling.
    Voor zover ik op de hoogte ben wat betreft Jacques Brel denk ik uit interviews met hem te mogen uitmaken dat hij zich wel degelijk Vlaming voelde en veel liefde en respect had voor Vlaanderen.
    Alleen had hij het niet voor het Vlaams Nationalisme van zijn tijd, in zijn bewoordingen en lied ‘Les flamingants’ dat hij overigens de aanvulling gaf ‘chanson comique’.
    Het was als het ware een spotlied, maar waar niet iedere Vlaming zich door gekwetst voelde. Slechts een deel voelde zich negatief aangesproken.

  8. Robin Maekelbergh says:

    Mag ik een steen in de kikkerpoel gooien en aangeven dat in dit hele voorwaar geheel niet onaangename blogstukje met reacties het lied van onze Vlaamse Nederlander ontbreekt: ‘Vlaanderen boven’ (niet zonder enige ironie van mijnentwege).

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden.