Van Bethlehem en de Wulgenbroeken

De Zuidzandstraat vult zich met de fluwelen stem van Mariah Carey wanneer ik van bij het Zand ’t stad in wandel. Je kan er niet om heen, Mariah vat haar ‘All I want for Christmas’ aan als een volleerde gospelzangeres. Wat na een handvol maten volgt, het swingende popdeuntje met dat olijke koor, zal het mij weer de rest van de dag achtervolgen? ’t Is een geestig lied van een aardig meiske, ik kon het erger treffen. Al duurt ook dit, zoals alle schone liedjes, niet lang. Bij de kathedraal gekomen, bedenk ik nog even dat Mariah mij zonet toezong dat ze voor haar kerst alleen maar mij wil. ‘All I want for Christmas is you’, ‘t zijn haar woorden! Maar ach, in ’t leven moet ge niet alles persoonlijk opvatten.
Trouwens, het contrast met wat volgt kan amper groter. Want langs de hoge winkelgevels klinkt het aloude ‘Maria die soude naer Bethlehem gaen’, lied uit onze meest vrome kinderdagen.
Later die middag, weer thuis, ga ik op zolder mijn cd-collectie opdiepen. De meeste van onze platen van weleer zijn daar al sinds een paar jaar beland. Al kom ik af en toe met een handjevol weer de trap af. Veelal wanneer, zoals nu, enige nostalgie mij treft.
Ik zoek en vind Jan De Wilde. Jaren geleden vulde hij een plaat met kerstliedjes. Toegegeven, de kleinkunstzanger is Mariah Carey niet. Zijn stem is van meer bescheiden komaf en bij nader toezien valt ook qua fysiek enig onderscheid te melden.

Maria die soude naer Bethlehem gaen’,
lied uit onze meest vrome kinderdagen.

Maar Jan is hier in goed gezelschap. Currende, het oude-muziek-gezelschap van Erik Van Nevel, giet een warme, barokke saus over de liederen en er is een kinderkoor. Dat maakt veel goed. Een enkele keer houdt Jan De Wilde zelfs zijn mond en laat woord en zang aan het koor met de muzikanten. Zo ook bij ‘Maria die soude naer Bethelehem gaen’. Zonder de zeurende zang van Jan krijgt het lied overigens een verrassend danstempo.
Onze met veel goesting opwarmende kachel zoemt mee en ik neem de tijd om acht te slaan op wat het eeuwenoude lied vertelt.
‘Maria die soude naer Bethlehem gaen,
kerstavond voor de noene.
Sint-Jozef die soude met haar gaen,
om haar de weg te toene.’

Die beginstrofe laat mij toe om vlotjes mee te murmelen, weliswaar niet beter dan Jan, maar bij het vervolg van ’t verhaal moet ik passen. En leert het lied ons hoe het Maria en Josef verder verging.
Zij kwamen een weinig verder gegaen,
tot aan een boerescheure.
’t Is daar dat Heer Jezus geboren werd,
daar sloten noch venster noch deure.
De stal waar het koor van Jan De Wilde het over heeft, oogt niet als een bijzonder aangename plek voor de nacht. En al helemaal niet voor een moeder om er te bevallen.

“… Wat in de eeuwen die volgden, volstond om het decor aan te vullen
met een stal, een os en een ezel.”

Dat het traditionele kerstverhaal ons nog behoorlijk bekend is, daar heeft onze leeftijd alles mee te maken. En aan onze braaf-katholieke opvoeding, natuurlijk. En niets werd in vraag gesteld, zoals we het op school hadden geleerd, zo was het geschied.
Al betrap ik er mezelf vandaag soms op, nog één en ander te willen opzoeken. Zo ook, echt waar, over wat in de bijbel staat over kerstmis. Blijkt dat van de vier evangelisten er maar twee stil staan bij de geboorte van Jezus. En geen van hen heeft het over een stal. Wel over een kribbe, een voederbak waarin het kind werd gelegd. In de eeuwen die volgden, volstond dat om het decor aan te vullen met een stal, een os en een ezel.
En zodoende stond bij ons thuis elke kerst weer hetzelfde stalletje onder de kerstboom. Met fijn ingekleurde, magere beeldjes, de traditionele figuren. Eigenlijk leek het mij daar onder die boom een gezellig onderonsje, weet ik nog.

Maar de wereld wentelt verder en later op de avond brengt het nieuws ons, heel even, naar Gaza. Naar tunnels en scherpschutters. Naar drones en gebombardeerde ziekenhuizen. Naar mensen op de dool, zoals lang geleden een man en een hoogzwangere vrouw op de dool waren. Het avondnieuws toont tochtige voddententen waarin kinderen, mannen, vrouwen schuilen. Zwangere vrouwen, ongetwijfeld ook. En weer denk ik aan dat voorvaderlijke kerstlied. Werd het kind waarover we zingen, geboren in Bethlehem? Of in Gaza? Oekraïne?

De volgende, nevelige ochtend fiets ik van onze kant van Brugge naar Oostkamp. Door de kille mist bij de Wulgenbroeken, maar de weg is mij bekend. Waar verderop, voorbij het

– foto @ Jean D’heedene –

viaduct onder de spoorweg, het boerderijtje uit de mist opdoemt, weet ik, het is niet ver meer. Maar dan treft mij hetgeen me anders zo vertrouwd voorkomt. In het ontwakend ochtendlicht houdt het zich moeizaam staande, in de weide naast de stallen, het stilaan onder zijn eigen ouderdom bezwijkende schuurtje.
‘… daar sloten noch venster noch deure …’ Waar Jezus geboren werd? Hier, bij de Wulgenbroeken?
De Wulgenbroeken, het charmante Amerikaantje met haar opgeblonken kerstdeuntje heeft er geen weet van. Dus doe mij toch maar ‘Maria die soude er naar Bethlehem gaen’.

‘Maria die soude naer Bethlehem gaen’ hoort u hier: https://www.youtube.com/watch?v=LHsC9ZHR9X4

This entry was posted in Het Brugge van nu, Van feesten en vieren, Van zin, zen en zijn, Van zingen en spelen. Bookmark the permalink.

11 Responses to Van Bethlehem en de Wulgenbroeken

  1. Rika Verschaeve says:

    Beste wensen voor 2024, Pol.
    Je bezorgt ons telkens veel leesplezier!
    Hartelijke groet

  2. Anne Marie Steenlant says:

    Hartelijk dank voor de schitterende artikelen en weetjes!
    Prettige feestdagen en een schitterend 2024!
    Anne Marie Steelant

  3. Jean says:

    Is een mooi stalletje!
    Ondertussen is het bijna compleet weggevaagd.
    Beste wensen voor 2024!!!

  4. Brigitte Beernaert says:

    Een warme kerst en een inspiratievol 2024…en blijven de verhalen rapen Pol.
    We lezen ze.

  5. Richard Ranson says:

    Pol, je schrijft dichterlijk over het ontwakend ochtendlicht… Ik denk dat je daar bij de Wulgenbroeken een Maria-ervaring hebt gehad. De zon, wiens gloed en warmte door een venster kan binnenkomen zonder het glas te beschadigen, is een bekend beeld voor de maagdelijke ontvangenis en geboorte.
    Je stond er ‘in het bevruchtende licht van de waarachtige zon’.
    Als je er niet zwanger van raakte, dan daalde toch minstens de stralenbundel van de Heilige Geest op jou neer.

    • Pol Martens says:

      Recent foute paddestoelen geproefd, Richard?

      • Richard Ranson says:

        Nee hoor, Pol. Wel het foute boek gelezen. ‘Kerstfeest in de Middeleeuwen’ van Martien J.G. De Jong. In 2001 uitgegeven bij Davidsfonds Leuven. Dat werk staat boordevol inspiratie.
        Ik houd mij aanbevolen om ook het juiste boek te lezen over onze Kerst-tradities. Stellen we Kerstmis voor in cijfers, tabellen en grafieken? Ik vermoed dat Kerstmis een getalsmatige ervaring geworden is, heden ten dage. Neem nu die Warmste Week, wat een geweldige score voor Kerstmis!
        Het kindje Jezus draait zich om in zijn bakske vol met stro.

        • Pol Martens says:

          En toch, Richard … Toch ben ik, ondanks de wilde drukte errond, onder de indruk van het ‘Warmste Week’-project.
          Je kan zo’n spektakel vanuit verschillende standpunten bekijken, zoals dat heet.
          Maar naar mijn uiteraard zeer bescheiden mening kan het als tegengif bij verzuring in onze samenleving best wel tellen.

  6. Herman Vandeplassche says:

    Dag pol, leuk dat je Jan De Wilde aanhaalt, ook Willem Vermandere heeft trouwens prachtige liedjes gezongen.
    Nu ik het toch over Vlaamsche zangers heb, Zjef Vanuytsel zingt geen kerstliedjes maar spant de kroon, vind ik.
    Groetjes,
    Herman.

    • Pol Martens says:

      Herman, Vermandere zette ook een handvol muziek op plaat omtrent kerstmis. ‘De donkerste dagen’ heet de plaat.
      Er staan een paar sterke liedjes op, met het verlies van een kleinkind van Willem als een milde schaduw over zijn muziek.

  7. Dries says:

    Wat de geboorte in een stal betreft, vond ik de volgende elementen. Sinds de middeleeuwen vormen de os en ezel een vast bestanddeel van de beeldengroep in de Kerststal. Het is correct dat volgens Lucas de pasgeborene is een voederbak of kribbe werd gelegd, en dat hieruit de traditie ontstond dat Christus in een stal werd geboren.
    De vraag kan worden verlegd naar “waarom juist een os en een ezel”. Uit de geschriften van de kerkvaders haalt de exegese de volgende redenen: men wou afstand nemen van de heidenen en van de joden. Naar de joodse traditie was een ezel een onrein dier, dat door joden niet gegeten mag worden. Een os was dan weer een lastdier dat onder een juk gebukt leefde, en dus door de heidenen werd geminacht. Samen stonden ze bij de kribbe van Jezus, die hen verenigt in de ene Kerk. Met name de joden moesten worden verlost van onder het juk die een te strikte wetsinterpretatie op hen legde.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *